Waarom sociale ondernemers maar beter de grondwet kennen

Waarom sociale ondernemers maar beter de grondwet kennen

Wat betekent de grondwet nog wanneer ministers openlijk zeggen dat ze rechterlijke uitspraken naast zich neerleggen? Voor sociale ondernemingen is dat geen academische discussie. Ze werken met publieke middelen, voeren maatschappelijke opdrachten uit en verdedigen vaak de rechten van kwetsbare groepen. Als de spelregels van de rechtsstaat verschuiven, voelen zij dat meteen. “We zijn Hongarije nog niet, maar België gaat de weg op van een semi-autoritair regime”, zegt Patricia Popelier, professor grondwettelijk recht.

De Belgische overheid is al meer dan 10.000 keer veroordeeld in rechtzaken over asiel, maar trekt het zich niet aan. Wat doet het met u – als professor grondwettelijk recht – wanneer ministers, volksvertegenwoordigers rechterlijke uitspraken naast zich neerleggen?

Patricia Popelier: “Ik maak me behoorlijk grote zorgen. Dit zijn al lang geen geïsoleerde incidenten meer, maar steeds nieuwe dieptepunten van een evolutie die al langer bezig is. Je ziet het respect voor de grondwet en de rechtsstaat langzaam afkalven. De manier waarop onze democratie en rechtstaat vandaag worden ingevuld, verschuift naar een soort ongebonden politiek primaat: het idee dat wie verkozen is, ook vrij spel heeft. Ja, de uitvoerende macht mag beleidskeuzes maken, maar wel binnen de regels van de grondwet. Die is er om burgers te beschermen tegen totalitaire toestanden. En wat mij misschien nog het meest verontrust, is dat ministers het niet eens meer proberen te verbergen. Ze zeggen gewoon: ‘Dat arrest zint me niet, dus ik volg het niet.’ Dat is een fundamentele breuk met hoe een rechtsstaat hoort te functioneren, en het verontrust me ook dat er maar weinig tegenreactie komt.”

Waarom is dat problematisch?

“Wat de huidige regering doet, is alle ‘weerhaken’ uit het systeem halen. Democratische besluitvorming is niet enkel en alleen het resultaat van verkiezingen, het is een systeem van tegenmachten en controle. Rechters, middenveld, adviesorganen – dat zijn allemaal mechanismen die ervoor zorgen dat beleid binnen bepaalde grenzen blijft, om onze samenleving te beschermen. Als je die systematisch uitholt, dan blijft er geen bescherming meer over. Dan krijg je een situatie waarin macht zichzelf legitimeert, puur omdat ze macht is. En macht corrumpeert altijd. We weten uit de geschiedenis al dat dat vroeg of laat ontspoort.”

Maar we leven wel in crisistijden, dan moet een overheid toch daadkrachtig kunnen ingrijpen? Ook al is dat niet altijd volgens de grondwet.

“Dat is het gekende Trojaanse paard. Natuurlijk moet een overheid in crisistijden kunnen handelen. Dat is logisch, redelijk zelfs: er is een crisis, dus er moet iets gebeuren. Maar precies daarin schuilt het gevaar. Wanneer mensen aan de macht vooral uit zijn op macht, dan zien ze overal crisissen en gebruiken ze die om hun greep te versterken. In crisistijden gaan burgers meer vertrouwen op de overheid en verwachten ze ook drastische maatregelen. Dat maakt het verleidelijk om verder te gaan dan wat verantwoord is. Dat is op zich niet problematisch wanneer er effectief een grote crisis is en maatregelen proportioneel en doordacht zijn. Maar het wordt gevaarlijk wanneer crisissen overdreven of zelfs gecreëerd worden om verregaande beslissingen te legitimeren. In een gezonde rechtsstaat betekent daadkrachtig optreden bovendien niet dat je zomaar handelt. Integendeel: je moet geïnformeerd handelen. Je moet weten wat de impact is van je beslissingen, wie de betrokkenen zijn, welke alternatieven er bestaan, en hoe je negatieve gevolgen voor bepaalde groepen kan beperken. Dat vraagt net méér reflectie, niet minder. Wat we vandaag zien, is het omgekeerde. Adviesorganen worden genegeerd of omzeild via spoedprocedures, zodat men geen rekening moet houden met kritische stemmen. Alles wat kan tegenspreken, wordt uit de weg geruimd. Dat begrijp ik eerlijk gezegd niet. Als ik zelf minister zou zijn, zou ik net zoveel mogelijk kritische stemmen rond mij willen verzamelen. Je neemt beslissingen met enorme gevolgen voor een land en zijn burgers – dan wil je toch zeker zijn dat die beslissingen doordacht en verantwoord zijn.”

Waarom doen ze dat volgens u?

“Macht. Eens je daarvan geproefd hebt… ”

Wat kunnen de gevolgen zijn? Zijn die vandaag in België al voelbaar?

“Ja, we zien dat er vandaag ongrondwettig beleid gevoerd wordt dat in eerste instantie de meest kwetsbare groepen treft. De gevolgen zijn al heel reëel: vluchtelingen met recht op asiel die niet worden opgevangen, op straat terechtkomen, zonder rechten, en zelfs zonder mogelijkheid om te werken. De regering creëert zo niet alleen menselijk leed, maar ook bredere maatschappelijke problemen, zoals onveiligheid – wat diezelfde beleidsmakers dan ironisch genoeg claimen aan te pakken. Maar het stopt daar niet. Binnenkort worden de gevolgen voelbaar voor andere sociaal kwetsbare groepen, je ziet dat het beleid daarop is gericht. En uiteindelijk verwacht ik meer en meer maatregelen tegen iedereen die afwijkt of kritisch is: middenveldorganisaties, klimaatactivisten, academici, hele universiteiten. Je ziet dat hun ruimte om te spreken en handelen vandaag al kleiner wordt. Hun toegang tot de rechter is al afgeblokt, het is bij decreet verboden voor organisaties die overheidsgeld ontvangen – vaak cruciale publieke diensten – op te komen tegen beleid dat hen treft. Die maatregel heeft al veel kritiek gekregen, onder andere van de Raad van State, maar is zonder veel tegenwind gestemd in het parlement. Daar werd wie kritisch is voor Vlaams beleid, weggezet als activistisch of zelfs extremistisch.”

U zei al dat er weinig tegenreactie komt. Hoe verklaart u dat?

“Dat is precies het gevaarlijke: het zijn telkens geleidelijke stappen. Mensen wennen eraan. En ze beseffen niet dat maatregelen die vandaag migranten raken, ook aan hun eigen bescherming raken en zij morgen de volgende in rij zijn wiens rechten in het gedrang komen. Die manier van werken is heel typisch voor wat we semi-autoritaire regimes noemen. Regimes die een democratische façade ophouden en subtiel aan grondrechten raken via maatregelen die ‘verantwoord zijn voor het algemeen belang’. Het gaat ook meestal niet om die ene maatregel of die ene wet, maar om de hele context samen en dat maakt het moeilijk om er concreet tegen te vechten. Tegelijk worden de organisaties die normaal kritiek organiseren – het middenveld – actief verzwakt. Hun legitimiteit wordt in vraag gesteld, hun financiering onder druk gezet. Organisaties durven niet meer kritisch zijn omdat ze bang zijn voor verdere gevolgen. Ook rechters worden geviseerd: hun beoordelingsruimte wordt ingeperkt en hun geloofwaardigheid ondermijnd. Zo ontstaat een angstklimaat waarin tegenmacht steeds moeilijker wordt.”

Hoe kan het middenveld zich verzetten?

“Ze zullen zich sterker moeten organiseren en strategischer samenwerken. De rangen sluiten. Uit onderzoek van mijn Poolse doctoranda – die heeft wel wat ervaring met semi-autoritaire regimes – blijkt dat verzet effectiever is wanneer het gecoördineerd gebeurt en wanneer de boodschap mensen echt raakt. Niet abstract spreken over ‘de rechtsstaat’, maar duidelijk maken: dit raakt uw dagelijks leven. En ook belangrijk: wanneer één organisatie wordt aangevallen, moeten anderen mee reageren. Die solidariteit en coördinatie zijn essentieel om tegengewicht te bieden.”

In het boek Een grondwet voor ons allemaal schrijft u ‘de grondwet is het krachtigste instrument dat we hebben tegen populisme’. Kan u dat toelichten?

“De grondwet is eigenlijk het morele kompas van de overheid. Ze bepaalt hoe de overheid haar macht kan en mag uitoefenen. Een democratisch mandaat is niet onbeperkt: het bestaat alleen binnen de grenzen van de grondwet. Je moet het uitvoeren op de wijze die de grondwet bepaalt. Dat is met respect voor rechterlijke beslissingen, met respect voor de grondrechten die iedereen beschermen, Belgen én niet-Belgen. Maar die bescherming werkt alleen als ze ook effectief wordt afgedwongen. En dat gebeurt niet vanzelf: dat is een gedeelde verantwoordelijkheid van politici, rechters, middenveld en burgers.”

Moeten sociale organisaties zich daar actiever in verdiepen?

“Ik raad ze niet aan hun tijd te verspillen door de grondwet te lezen – als je geen jurist bent, is er geen beginnen aan. Maar ze moeten wel beseffen wat er op het spel staat. Want hun werk raakt rechtstreeks aan grondrechten: recht op zorg, op welzijn, op een menswaardig leven. Als die onder druk komen, voelen zij en hun doelgroepen dat als eerste. En net daarom hebben zij ook een belangrijke rol om dat verhaal te blijven brengen – telkens opnieuw, hoe vermoeiend dat ook is.”

Lees ook

Careēr heeft jou nodig!

Careēr heeft jou nodig!

#Careēr wil de weg naar een job in zorg en welzijn korter maken dan ooit tevoren.

“Ik heb mijn roeping gevonden”

“Ik heb mijn roeping gevonden”

Op 3 april 2025 organiseerde VDAB op verschillende locaties in Vlaanderen een Beleefdag Zorg, waarbij werkzoekenden en geïnteresseerden konden ervaren wat een job in…

“Werkgevers zien hun eigen drempels niet”

“Werkgevers zien hun eigen drempels niet”

Waar vind je vandaag nog nieuwe werknemers? En àls je ze al vindt, hoe integreer je ze dan succesvol in je organisatie? Met Individueel Maatwerk kan je knelpuntvac…