“Een sterk middenveld is het kloppend hart van de democratie, maar het krijgt steeds minder zuurstof ”

“Een sterk middenveld is het kloppend hart van de democratie, maar het krijgt steeds minder zuurstof ”

De Lifetime Achievement Award van de Vlaamse Vereniging voor Bestuur en Beleid (VVBB) ging begin 2026 naar… Ann Demeulemeester. Opmerkelijk: het is de eerste keer dat de prijs niet naar een ambtenaar of academicus gaat, maar naar iemand uit het middenveld. Voor Demeulemeester – een leven lang bruggenbouwer tussen overheid en samenleving – gaat de erkenning breder dan haar persoonlijke loopbaan.

Het is de eerste keer dat deze prijs naar iemand uit het middenveld gaat. Is dat een signaal van de VVBB?

Ann Demeulemeester: “Het is zeker een duidelijk statement. De Vlaamse Vereniging voor Bestuur en Beleid kijkt kritisch naar het functioneren van onze democratie en naar de manier waarop overheid en samenleving met elkaar verbonden zijn. Een sterke overheid is essentieel voor goede publieke dienstverlening: toegankelijk, kwaliteitsvol, universeel en gericht op het algemeen belang. Dat zijn allemaal noodzakelijke eigenschappen van een goed functionerende democratie. Deze opdracht van de overheid steunt op een actieve civiele ruimte: burgers die autonoom actief zijn, initiatieven nemen, zich verenigen en organiseren, inspreken op het beleid. En, belangrijk, ook heel wat publieke en maatschappelijke taken opnemen gaande van vrijwilligerswerk tot sociaal ondernemerschap in zorg en welzijn, onderwijs, cultuur, sport en sociale economie. Het middenveld is zo een cruciale pijler van onze democratie.”

In de laudatio wordt het middenveld omschreven als een dam tegen de opmars van illiberale democratieën. Deel je de analyse dat die civiele ruimte vandaag onder druk staat?

“Op verschillende vlakken zie je dat de knipperlichten niet meer op oranje staan, maar op rood. Het middenveld wordt steeds vaker negatief geframed als ‘subsidieslurpers’. Woordvoerders van organisaties worden geïntimideerd en organisaties zelf worden verdacht gemaakt. Grondwet en wetten worden met de voeten getreden, dialoog afgeblokt. Tegelijk wordt de handelingsruimte van sociale organisaties en ondernemingen steeds kleiner gemaakt door een groeiend carcan van regels en verplichtingen. Maar tegelijk zie ik ook veel veerkracht. Organisaties blijven levendig, innoveren, ontplooien nieuwe initiatieven, verbinden over sectoren heen, organiseren zich Europees en internationaal. Dat is belangrijk, want de druk op het middenveld is geen Belgisch fenomeen. De druk op het middenveld manifesteert zich wereldwijd, aangevoerd door de populistische dictators van onze tijd. Toch mogen we de kracht van burgers en hun organisaties nooit onderschatten.”

Het middenveld biedt niet alleen dienstverlening, maar ook tegenkracht, ideeën en maatschappelijke vernieuwing. Is er vandaag nog voldoende ruimte voor die kritische rol?

“Inspreken, participeren, de overheid en de uitvoerende politiek een kritische spiegel voorhouden… Dat wordt steeds minder gesmaakt, zeker ter rechterzijde. In bepaalde beleidsdomeinen is dat zelfs riskant geworden, omdat organisaties vrezen voor negatieve gevolgen. En zo dooft het democratische debat stilaan uit. De rol en functie van het middenveld worden gefnuikt, burgers ontmoedigd om zich in te zetten voor hun maatschappelijke en politieke ideeën. Het middenveld wordt beschouwd als een louter verlengstuk van de uitvoerende politiek, in die zin is het een rechtstreekse ondermijning van de democratie. Actieve, kritische en maatschappelijk participerende burgers zijn het hart en de pijlers van een democratie. Het is een kwestie van macht: het vervangen van de triade overheid-politiek-middenveld door het primaat van de politiek”

Wat kan het middenveld doen om haar positie te versterken?

“Er zijn verschillende strategieën. Eerst en vooral moet het middenveld blijven investeren in zijn basis: mensen betrekken, activeren en representeren. Daar ligt de bron van zijn legitimiteit. Daarnaast is samenwerking cruciaal. Organisaties moeten meer coalities vormen, ook over sectoren heen, en samenwerken met ambtenaren en academici. Ook communicatie verdient heel veel aandacht: uitleggen wat organisaties doen en waarom dat belangrijk is. En natuurlijk blijft belangenbehartiging essentieel. Organisaties moeten blijven inspreken op beleid, op alle niveaus – lokaal, Vlaams, federaal en Europees. Dat vraagt expertise, focus en vooral doorzettingsvermogen. Soms moet je jarenlang kuitenbijten voor een beleidsverandering.”

Wat staat er op het spel als het middenveld zou verzwakken?

“Een samenleving zonder sterk middenveld, zonder actieve civiele ruimte zou er heel anders uitzien. De afbouw van mensenrechten met grote gevolgen voor de meest kwetsbaren, nog minder politieke participatie, een slechter overheidsbeleid, nog meer ruimte voor polarisatie, leugenachtige en populistische politiek. Dat zou nefast zijn voor onze samenleving. Ik vind dat niet uit: dit is wetenschappelijk aangetoond.”

U werkte uw hele carrière op het kruispunt van overheid en samenleving. Hoe heb je die relatie zien evolueren?

“De overheid is de voorbije decennia sterk veranderd. Ze is professioneler geworden en werkt vaker volgens managementmodellen uit het bedrijfsleven. Participatie wordt ook anders georganiseerd: via consultbureaus of tijdelijke trajecten met burgers, eerder dan via representatieve organisaties. Daarnaast zijn inspectie en controle belangrijker geworden. Publieke dienstverlening door middenveldorganisaties wordt nu ook meer en meer  bekeken vanuit een uitbestedingslogica, waarbij organisaties vooral uitvoerders worden. Cocreatie is een modern begrip maar was vroeger, toen het begrip nog niet bestond, veel meer in zwang. Mijn ervaring is nochtans dat het beste beleid ontstaat wanneer overheid, organisaties op het terrein en experten intens samenwerken. Die samenwerking stond vroeger vaak sterker centraal.”

Zorg wordt vaak gezien als een zoveelste sector, maar raakt aan de kern van hoe we samenleven. Wat zegt de evolutie van zorg over onze samenleving vandaag?

“Zorg is veel meer dan een sector. In het handvest The Care Manifesto van The Care Collective wordt zorg terecht gezien als een opdracht voor de hele samenleving – zelfs voor de planeet. Het gaat over zorgen voor elkaar, voor de meest kwetsbaren en voor toekomstige generaties. Als Familiehulp proberen we dat concreet te maken door vertrouwen te geven, verantwoordelijkheid op te nemen en solidariteit en inclusie centraal te zetten. Op het wereldtoneel lijkt dat veraf, maar als je rond je kijkt, zie je elke dag voorbeelden van mensen die dat in praktijk brengen. Daarom blijf ik, ondanks alle uitdagingen, hoopvol.”

Ann Demeulemeester

  • Afgevaardigd bestuurder van Familiehulp sinds 2016
  • Voorzitter van Zorggezind
  • Voorzitter van de Alzheimerliga
  • Bestuurder bij Kom op tegen kanker
  • Voorzitter Hogeschool Odisee
  • Bestuurder bij Verso

Lees ook

Kunst voorbij de kwetsbaarheid

Kunst voorbij de kwetsbaarheid

Zijn eerste werken waren zwart, klein en donker. Net als de depressie waartegen hij vocht. Vandaag maakt Bart kleurrijke collages en fantasierijke installaties die ruimte…

Serv: “Sociale ondernemingen horen volwaardig thuis in het Vlaamse innovatiesysteem”

Serv: “Sociale ondernemingen horen volwaardig thuis in het Vlaamse innovatiesysteem”

Vlaanderen beschikt over een sterke kennis- en onderzoeksbasis. Toch blijft de stap van onderzoek naar concrete toepassingen, producten en diensten moeilijk. In een nieuw…

Van toezicht naar vooruitzicht in de bestuurskamer

Van toezicht naar vooruitzicht in de bestuurskamer

Raden van bestuur bevinden zich op een keerpunt. Toezicht houden volstaat niet langer, vooruitdenken wordt een vereiste. Helle Bank Jorgensen, global managing director of…