Zoekveld

Vlaamse arbeidsmarktcijfers voor de social profit

Vlaamse arbeidsmarktcijfers voor de social profit

Op deze pagina’s bieden we u de meest actuele arbeidsmarktcijfers over de Vlaamse social profit, die we verzamelen vanuit verschillende bronnen. Om gemakkelijk zelf aan de slag te kunnen met deze cijfers, kunt u ze ook downloaden als een excelbestand. De grafieken zijn bovendien te downloaden als pdf. Deze cijfers worden twee keer per jaar geactualiseerd (oktober en februari). In het navigatiemenu links vindt u de verschillende categorieën terug. Hieronder bieden we u een korte samenvatting van het aanbod.

+- Social profit: groeimotor van de Vlaamse werkgelegenheid!

De private en openbare social profit in Vlaanderen zijn goed voor heel wat jobs. In Vlaanderen zijn de verschillende socialprofitsectoren goed voor 401.243 arbeidsplaatsen voor loontrekkenden. Dat is maar liefst 17,8% van de tewerkstelling in Vlaanderen. Er zijn bovendien 47.321 zelfstandigen actief in deze sectoren. In de social profit zijn vooral kleine ondernemingen actief. Van de bijna 16.000 vestigingen telt bijna 95% minder dan 50 medewerkers.

De social profit is ook een groeisector. Het afgelopen decennium groeide het medewerkerstotaal met 37%. De tewerkstelling in de social profit groeide dus ruim zes keer sneller dan gemiddeld op de Vlaamse arbeidsmarkt, waar de totale tewerkstelling met 6% toenam. Ook de komende jaren is de tewerkstelling verzekerd: het Federaal Planbureau ziet de werkgelegenheid in de Vlaamse social profit de komende jaren nog groeien aan een jaarlijks groeiritme van 2,55%. Een derde van de banengroei op middellange termijn zal in socialprofitondernemingen plaatsvinden.

+- Knelpuntvacatures

Deze sterke werkgelegenheidsgroei vertaalt zich in heel wat vacatures. De social profit is goed voor bijna één op de vijf vacatures die binnenkomen bij de VDAB. Heel wat van die vacatures blijven echter lang open staan, waardoor we spreken van knelpuntberoepen. De typische knelpuntberoepen voor de social profit (kinesitherapeuten, verpleegkundigen, zorgkundigen, verzorgenden en werkleider sociale en beschutte werkplaatsen) zijn samen goed voor meer dan 12% van de vacatures voor knelpuntberoepen die de VDAB jaarlijks ontvangt.

Toch is de instroom vanuit de werkloosheid naar de social profit niet zeer hoog. Van alle werkzoekenden die in 2016 werk vonden, deed 1,6% dit in de ‘gezondheidszorg’, 4,6% in de ‘maatschappelijke dienstverlening’ en 0,8% in de sector ‘cultuur, ontspanning en sport’.

Veel studenten stromen dan ook rechtstreeks van de schoolbanken uit naar een socialprofitberoep. Zo heeft bijvoorbeeld 89,7% van de afgestudeerden 7de jaar kinderzorg uit het BSO een jaar later een job, 93,3% van de zorgkundigen (7de jaar BSO), 84% van de verzorgenden (BSO) en 87,6% van de afgestudeerden sociaal-technische wetenschappen uit het TSO.

+- Vrouwelijke sectoren

De cijfers tonen ons ook hoe de gemiddelde medewerker in de social profit eruit ziet. De social profit is een overwegend vrouwelijke sector: 78% van de medewerkers is vrouw. Er werken ook meer vijftigplussers dan gemiddeld in de social profit (33%). De afgelopen 10 jaar nam het aantal arbeidsvrijstellingsdagen (vap-dagen) dan ook toe met 77%.

+- Hoog opleidingsniveau

Bijna de helft van de medewerkers is hooggeschoold en het percentage medewerkers dat heeft deelgenomen aan een formele opleiding ligt in de sectoren ‘gezondheidszorg’ (66%) en ‘maatschappelijke dienstverlening’ (53%) hoger dan gemiddeld.

+- Hoge werkbaarheid

De socialprofitsectoren gezondheidszorg en welzijn kenden bij de laatste werkbaarheidsmeting ook de hoogste werkbaarheid van alle clusters. In 2016 had 54,4% van de medewerkers in de gezondheids- en welzijnssector werkbaar werk, tegenover 51% gemiddeld op de Vlaamse arbeidsmarkt. Toch kende ook in deze sectoren de werkbaarheid een terugval ten opzichte van 2013, vooral door een stijging van de werkstress. Dit hangt nauw samen met de toegenomen werkdruk.