Zoekveld

Cijfersoverlay.png

Verso ontsluit arbeidsmarktcijfers uit de social profit

Dynamiek werkgelegenheid

Op deze pagina’s verzamelen we cijfers over de Vlaamse social profit vanuit verschillende bronnen. Om gemakkelijk zelf aan de slag te kunnen met deze cijfers, kunt u ze ook downloaden als een excelbestand. Deze cijfers worden twee keer per jaar geactualiseerd. De laatste update gebeurde in januari 2016.

Dynamiek werkgelegenheid

Met medewerker verwijzen we naar de loontrekkende werknemer, woonachtig in het Vlaams Gewest, ongeacht de plaats van tewerkstelling. Het betreft de loontrekkende werknemer die gekend is bij het datawarehouse AM&SB bij de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. We tellen enkel personen mee die zowel in het begin als op het einde van het jaar gekend zijn bij de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. Mensen die bijvoorbeeld in de loop van het jaar naar België gemigreerd zijn, worden pas vanaf het volgend jaar meegeteld.

Dynamiek

Onder ‘medewerkersstromen’ verstaan we de instroom in een paritair comité, interne mobiliteit binnen een paritair comité en de uitstroom uit een paritair comité. De gegevens voor paritair comité 305, 330 en 331 wijken licht af van de interactieve statistieken van het Departement WSE wat betreft de instroom in deze sector omdat we de tabel intern consistent wensen te houden (bottom up-benadering). Merk op dat deze sommatie niet klopt voor het geheel van de Vlaamse arbeidsmarkt. Deze gegevens voor de Vlaamse arbeidsmarkt werden overgenomen van het Departement WSE.

Instroom: geeft het aantal medewerkers weer die tussen 31 december van jaar t-1 (2009) en 31 december van jaar t (2010) een paritair comité instroomden, vanuit een ander paritair comité of vanuit een niet-loontrekkend statuut. De instroomgraad geeft het aandeel van de instroom ten opzichte van het totaal aantal loontrekkende medewerkers in het paritair comité op 31 december jaar t (2010).

Uitstroom: geeft het aantal medewerkers weer die tussen 31 december van jaar t (2009) en 31 december van jaar t+1 (2010) een paritair comité uitstroomden, naar een ander paritair comité of naar een niet-loontrekkend statuut. De uitstroomgraad geeft het aandeel van de uitstroom ten opzichte van het totaal aantal loontrekkende medewerkers in het paritair comité op 31 december jaar t (2009).

Interne mobiliteit: geeft het aantal medewerkers weer die zowel op 31 december in jaar t als op 31 december in jaar t+1 in een eenzelfde paritair comité aan het werk waren, maar in de tussenliggende periode mobiel zijn geweest. Het gaat om medewerkers die ofwel van werkgever veranderden binnen het paritair comité, ofwel in een speciaal regime werkzaam waren (seizoensarbeid) ofwel tijdelijk in een ander paritair comité zaten (bv. bij uitzendarbeid) of in een niet-loontrekkend statuut zaten (tijdelijke onderbreking loopbaan). De interne mobiliteitsgraad geeft het aandeel van de interne mobiliteit ten opzichte van het totaal aantal loontrekkende medewerkers op 31 december (gemiddeld jaar t en jaar t+1).

Hoe tabellen/figuren lezen?

In PC 318 is 10,1% van de medewerkers gedurende het jaar in het paritair comité ingestroomd, terwijl de gemiddelde jaarlijkse instroom in Vlaanderen op de arbeidsmarkt 13,3% bedraagt. Tijdens het jaar is ook 9,6% van de medewerkers uit PC 318 gestroomd, terwijl de gemiddelde jaarlijkse uitstroom op de arbeidsmarkt in Vlaanderen 12,8% bedraagt.

PDF
Excel
Methodologie

Instroom

Instroom: geeft het aantal medewerkers weer die tussen 31 december van jaar t-1 (2009) en 31 december van jaar t (2010) een paritair comité instroomden, vanuit een ander paritair comité of vanuit een niet-loontrekkend statuut. De instroomgraad geeft het aandeel van de instroom ten opzichte van het totaal aantal loontrekkende medewerkers in het paritair comité op 31 december jaar t (2010).

Het statuut van oorsprong geeft de socio-economische positie weer op 31 december t-1 van de medewerkers die tot het betreffende paritair comité zijn toegetreden. We onderscheiden 4 oorsprongscategorieën:

  1.     Instroom vanuit werk: omvat de loontrekkende medewerkers die zijn ingestroomd vanuit een andere paritair comité, vanuit uitzendarbeid of vanuit een zelfstandig statuut.
  2.     Instroom vanuit werkloosheid: omvat de loontrekkende medewerkers die zijn ingestroomd vanuit de vergoede werkloosheid, vanuit een vrijstelling van beschikbaarheid of vanuit (brug)pensioen.
  3.     Instroom vanuit niet-activiteit: omvat de loontrekkende medewerkers die zijn ingestroomd vanuit voltijds tijdskrediet/loopbaanonderbreking, vanuit een leefloonsituatie (ocmw) of vanuit een ander statuut, o.m. vanuit de arbeidsongeschiktheid en vanuit de situatie huisman/-vrouw.
  4.     Instroom vanuit school.

Hoe tabellen/figuren lezen?

In PC 318 komt 49,5% van de medewerkers die gedurende het jaar in het paritair comité is ingestroomd uit een andere job. 23,8% is afkomstig uit de werkloosheid. 20,9% komt uit niet-activiteit. 6,2% komt van de schoolbanken.

PDF
Excel
Methodologie

Uitstroom

Uitstroom: geeft het aantal medewerkers weer die tussen 31 december van jaar t (2009) en 31 december van jaar t+1 (2010) een paritair comité uitstroomden, naar een ander paritair comité of naar een niet-loontrekkend statuut. De uitstroomgraad geeft het aandeel van de uitstroom ten opzichte van het totaal aantal loontrekkende medewerkers in het paritair comité op 31 december jaar t (2009).

Het statuut van bestemming geeft de socio-economische positie weer op 31 december t+1 van de medewerkers die tot het betreffende paritair comité behoorden. We onderscheiden 4 bestemmingscategorieën:

  1.     Uitstroom naar werk: omvat de loontrekkende medewerkers die zijn uitgestroomd naar een ander paritair comité, naar uitzendarbeid, of naar een zelfstandig statuut.
  2.     Uitstroom naar werkloosheid: omvat de loontrekkende medewerkers die zijn uitgestroomd naar de vergoede werkloosheid, naar een vrijstelling van beschikbaarheid of naar brugpensioen.
  3.     Uitstroom naar niet-activiteit: omvat de loontrekkende medewerkers die zijn uitgestroomd naar voltijds tijdskrediet/loopbaanonderbreking, naar een leefloonsituatie (ocmw) of naar een ander statuut, o.m. naar de arbeidsongeschiktheid en naar de situatie huisman/-vrouw.
  4.     Uitstroom naar pensioen.

Hoe tabellen/figuren lezen?

In PC 319 is 24,4% van de medewerkers van 50 jaar of ouder die gedurende het jaar uit het paritair comité zijn gestroomd, uitgestroomd naar een andere job. 43,8% is werkloos geworden (waaronder 34% op brugpensioen), 15,7% ging naar niet-activiteit en 16,2% ging op pensioen.

PDF
Excel
Methodologie